“Wat weten we eigenlijk over andere wagenmakers in Workum”, vraagt Harm Huisjes naar aanleiding van het verhaal over Obe IJntema. De liefhebber wil graag meer weten omdat de prachtige Friese sjees die hij bezat ‘iets’ te maken gehad zou hebben met Piso in Workum.

In Workum staat de grootste kaasfabriek van Europa en dat is niet toevallig. Zuivel heeft de streek rond Workum van oudsher welvarend gemaakt, niet alleen voor de boeren, ook voor de wagenmakers. In 1892 vraagt smid en wagenmaker Jacob Piso (1876-1940) ‘zware onderstellen met veren’ te koop voor van melkwagens, want met de bouw van een nieuwe zuivelfabriek in Workum ziet de net zestienjarige Jacob zijn kans op een goede investering. Het is jeugdige overmoed. Zeven jaar later gaat zijn hele inboedel, waaronder vijf melkwagens, twee gebruikte glaswagens en een sjees met losse kap tot en met het kippenhok onder de veilinghamer. Het is geen faillissement, maar het zal zeker niet vrijwillig zijn geweest. De officiële opgave van reden: ‘wegens verandering van affaire’. Toch verandert er niet zo veel. Jacob blijft tot in 1910 melk- en venterswagens maken. Hij zit in een kleine werkplaats aan de Noard 28, naast de smederij van Siebren Graafsma. De buurmannen trekken met elkaar op en wonen zo half bij elkaar in. Jacob heeft met regelmaat een tweedehands glaswagen of tilbury te koop en bouwt zelfs een paar rijtuigen. En er is een klein kansje dat er een krompanelensjees uit de werkplaats is gerold, maar Jacob is niet de man voor fijn buigwerk of kunstzinnig houtsnijwerk, het is toch vooral de melkwagenbouwer. In aanvang maakt hij wagens voor melkkannen, later voor maximaal dertig bussen.

Jacob stamt wel uit een echte wagenmakerfamilie: grootvader Jacob Jans Piso (1795-1854) had zijn werkplaats in Bolsward en kreeg opvolging in oom Frederik (1828-1873) en vader Johan Jacob (1834-1904) die in Wommels het vak uitoefende. Jacob had de wagenmakerij in Workum overgenomen van een neef.

Aan de familietraditie komt echter een einde als de laatste drie neven die nog in Bolsward als wagenmaker werkten naar het westen vertrekken en wanneer Jacob in mei 1911 failliet gaat. Twee maand later vindt er tot Jacob’s geluk een schikking plaats met de schuldeisers en hij mag de werkplaats met 8,68 are grond in Workum houden. Toch ziet Jacob er geen toekomst meer in en gaat in een nieuwe omgeving en in een ander vak aan de slag, namelijk als caféhouder in Sneek.

In 1976 verklaart een kleinzoon die dan het café-restaurant in Sneek bestiert, in de Leeuwarder Courant: “De boer betaalde vijftig gulden als aanbetaling en dan ieder jaar vijftig gulden tot de laatste betaling. Dat was usance. Wagenmaker Piso had er genoeg van en belandde in Sneek.” De ‘verandering van affaire’ duurde ditmaal tot 1978. Op de hoek van de Dr. Boumaweg-Parkstraat in Sneek staat nog een bronzen beeld van een ober, met als opschrift “Hier stond restaurant Piso. Drie generaties van dit geslacht waren van 1911-1978 de gastheren.”

Foto boven: De sjees die Harm Huisjes had: het onderstel is duidelijk jonger dan het kuipje, dus het rijtuig heeft al wel wat meegemaakt in zijn leven. Misschien heeft Jacob Piso er de assen van gesmeerd of het onderstel gemaakt, wie zal het zeggen.

In 1892 vraagt smid en wagenmaker Jacob Piso (1876-1940) ‘zware onderstellen met veren’ te koop voor van melkwagens, want met de bouw van een nieuwe zuivelfabriek in Workum ziet de net zestienjarige Jacobzijn kans op een goede investering.

Een hele nette ‘glazen wagen’ voor de werkplaats van Jacob Piso in Workum. Mooi gecapitonneerd van binnen en een gebogen dak, vakwerk van Piso of het is een tweedehandsje voor de handel geweest.

Friese tilbury gebouwd door Jacob Piso.

In 1899 gaat de hele inboedel tot en met het kippenhok van Piso onder de veilinghamer. Het is geen faillissement, maar het zal zeker niet vrijwillig zijn geweest.

Handel in 1904, het sterfjaar van Jacob’s vader. Mogelijk kreeg hij hierdoor de rijtuigen uit de erfenis om te verkopen.

In het midden: de kleine werkplaats van Jacob Piso aan de Noard 28 in Workum.

Op de hoek van de Dr. Boumaweg-Parkstraat in Sneek staat nog een bronzen beeld van een ober, met als opschrift “Hier stond restaurant Piso. Drie generaties van dit geslacht waren van 1911-1978 de gastheren.”