Als iets Claas Conijn bezighoudt, dan is het om het rijtuig opgewaardeerd te krijgen als erfgoed. Dat het geen ‘hobbyobject’ meer is, maar net zo belangrijk om door te geven aan volgende generaties als de kunst van de oude meesters. Over oude schilderijen gesproken, om die te restaureren is veel kennis nodig. Van materialen, van de tijd waarin ze werden gemaakt en kennis van het gebruik. Conijn weet als projectleider van Kasteel de Haarvan alles een beetje. Maar als het op bepaalde details aankomt?

De restauratiecommissie van Stichting Hippomobiel Erfgoed volgt het project van De Haar op de voet. Drie leden van die commissie komen van ‘buiten’ de rijtuigwereld om de kennis van het restaureren en conserveren op een hoger plan te brengen.
Zo is professor dr. T.M. Eliëns, als hoofd collecties bij het Gemeentemuseum Den Haag en hoogleraar Industriële Vormgeving aan de Universiteit Leiden, de specialist als het gaat om het ‘technisch product’, dat een rijtuig toch is. Kunsthistoricus drs. W.A. te Slaa deed al eerder uitgebreid onderzoek naar de rijtuigfabrikant Schutter & Van Bakel in Amsterdam, in opdracht van Museum van Loon. Als iemand het rijtuig in de context van mode, economie en dus kortweg in de tijd kan duiden is hij het. En dan maakt textielconservator mevrouw J. Verdegaal-Hoefhamer deel uit van de commissie. Zij draagt onder andere de zorg voor alle fijne weefsels op Kasteel Amerongen en kan zeggen hoe er mee om te gaan of de weg wijzen naar een vervangende stof.

Wanneer de drie in het restauratiecentrum op en onder de rijtuigen hangen is er volop stof tot nadenken. Titus Eliëns over de ‘robuustheid’ van het model van de break en welke technische eisen dit stelde aan de fabrikant. Dat terwijl Josine Verdegaal al gauw een stukje passement in handen heeft en aangeeft in welk tijdsbeeld het motief past. Geschikt, ongeschikt? Willem te Slaa heeft wel een idee. In het komende anderhalf jaar komt de commissie af en toe bijeen om te klankborden met Conijn en de restaurateurs in Balkburg. Zij nemen de rijtuigen van De Haar in ieder geval serieus als erfgoed.

De drie rijtuigen in dit project komen uit het beheer van Borg en Nationaal Rijtuigmuseum Nienoord en gaan over in langdurig bruikleen door Kasteel De Haar. Dit project is mede mogelijk gemaakt VZW Pater David, Prins Bernhard CultuurfondsStichting Bredius ,VSB FondsStichting Bonhomme Tielens en Stichting kasteel de Haar.
De Stichting Hippomobiel Erfgoed begeleidt de uitvoering en verzorgt de communicatie.